Je moet als cosmetisch arts alert zijn

Loek Habbema gaf in de uitzending van 28 juli jl. in Editie NL aan dat ook in Nederland mensen soms te ver gaan met cosmetische ingrepen zoals fillers in de lippen en wangen, bilimplantaten en neusoperaties. En dat artsen zulke cliënten niet moeten behandelen en uit moeten proberen te leggen dat dat voor de cliënt zelf beter is. “Het is een verantwoordelijkheid van een arts”, zegt hij in deze uitzending. “Je moet als cosmetisch arts alert zijn. Sommige mensen hebben een irreëel verwachtingspatroon, leg de cliënt dan uit dat het hun verwachtingen niet realistisch zijn, anderen gaan van de ene behandeling naar de volgende, leg dan uit dat ze daar niet gelukkiger van worden en help ze op een andere manier meer zelfvertrouwen te geven.”

Aanleiding voor het item in Editie NL was de jongen die op de sociale media de hele wereld over gaat omdat hij op “Ken” wil lijken en daartoe al 57 cosmetische operaties heeft laat doen. Dit fenomeen komt in de medische wereld voor als variant van het Body Dysmorphic Disorder (BDD) syndroom: iemand ziet zichzelf anders dan dat hij/zij is en is overmatig bezig met zijn of haar uiterlijk. Dit syndroom komt niet alleen voor in de cosmetische geneeskunde maar ook in de gewone dermatologische praktijk in ziekenhuizen.

Patiënten met BDD zien zichzelf heel anders dan de werkelijkheid: een slanke vrouw ziet zich in de spiegel als een dik iemand, iemand met een prachtige neus ziet zichzelf met een enorme grote neus, iemand met één pukkeltje ziet zichzelf met een heel gezicht vol puisten.  BDD is een ziekte waar de patiënt mee geholpen moet worden.

Een andere groep bestaat uit mensen met een irreëel verwachtingspatroon: die denken met een ingreep een  perfectie te bereiken die niet haalbaar is. De arts zal dan dat verwachtingspatroon moeten bijstellen totdat het reëel geworden is. Indien dat niet lukt moet hij niet behandelen. Het gevaar bestaat dat de patiënt dan naar een andere arts gaat die het probleem niet onderkent en de patiënt wel behandelt. De teleurstelling komt dan na de behandeling.

Ook is er een groep die maar van de ene behandeling naar de volgende gaat, een soort verslaving. Ook dit moet de arts herkennen. Indien hij daar na een paar behandelingen achter komt moet hij stoppen met behandelen en een gesprek voeren met de patiënt en uitleggen dat hij niet geholpen is met meer behandelingen. Maar ook deze patiënten kunnen dan een andere arts zoeken die wel bereid is te behandelen.

Ervaren artsen zullen bovengenoemde groepen patiënten eerder herkennen en dan dus niet behandelen. Het is belangrijk voor ons vak om met deze patiënten ethisch verantwoord om te gaan en alert te zijn op patiënten die hier mogelijk aan leiden en ze zo goed mogelijk te helpen door ze niet te behandelen.

Voor meer informatie 035 – 692 2822 of info@mcgooi.nl

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

*